dinsdag 13 oktober 2009

Samenwerkingsmoraal

Samenwerking vormt de essentie van heel wat dagelijkse handelingen. Het dagelijks leven omvat talloze, weinig zichtbare momenten van coöperatie waarbij we stilzwijgend aannemen dat iedereen er beter van wordt.
Nutsoverwegingen vormen de drijfveer om samen te werken. We moeten een gemeenschappelijk doel bereiken en dat kunnen we niet alleen. We hebben anderen nodig.

Een samenwerkingsmoraal is het geheel van regels, inzichten en intuïties dat ons toelaat te navigeren in deze voordelige maar risicovolle wereld van coöperatie. Het is geen moraal van altruïsme maar van welwillendheid en behoedzaamheid.

Samenwerking is aangewezen en tegelijk slechts mogelijk als iedere partij er baat bij heeft, dus in een win-winsituatie. De opbrengst is groter dan wanneer men alleen zou werken (bv. een huis bouwen).
Meer dan men denkt zijn mensen geneigd tot samenwerking. Hun fundamenteel coöperatieve instelling stimuleert de samenwerking in een groep. Deze neiging concretiseert zich in prosociaal gedrag (vriendelijkheid), mutualisme (burenhulp bij kleine klussen) en wederkerig altruïsme (iemand laten voorgaan in de file).

Samenwerking berust op vertrouwen dat de andere ook zijn/haar deel zal bijdragen. Men loopt echter altijd het risico dat de andere niet eerlijk is maar een profiteur. Samenwerking is uiterst gevoelig voor misbruik, onkunde en onvermogen.

Om de samenwerking te beschermen letten mensen op signalen van bedrog.
Ze kunnen bedrog proberen te herkennen op basis van de gelaatsexpressie van de andere en ze houden een morele boekhouding bij over mogelijke samenwerkingspartners. De reputatie en competentie van iemand stellen mensen in staat bedrog te voorspellen. Wie een paar keer heeft bedrogen wordt gewantrouwd.

Sancties dienen om samenwerking te verzekeren. Mensen hebben een diep rechtvaardigheidsgevoel en een sterke aversie tegen onrechtvaardigheid. Bedrog en machtsmisbruik in de samenwerking wordt vroeg of laat (zwaar) gesanctioneerd.

Samenwerkingsmoraal gedijt echter alleen in bijzonder gunstige omstandigheden. Alleen wanneer de voordelen gedeeld kunnen worden en de inzet van de deelnemers hoog blijft werpt ze vruchten af. Bovendien mag de sociale controle niet te strak zijn zodat er nog sprake is van vrijwilligheid. Machtsmisbruik ondermijnt de samenwerking.


Bron: VERPLAETSE, J., Het morele instinct, p. 175-235.

0 reacties:

Design by The Blogger Templates

Design by The Blogger Templates